… / Nederland / Nederlandse pers / 1915–1918 / Talaat bey over de moorden op de Armeniërs
De Telegraaf, 6 mei 1916
Bron: Delpher
Talaat bey over de moorden op de Armeniërs
Een correspondent van het "Berliner Tageblatt"
te Constantinopel heeft een onderhoud
gehad met den Turkschen minister van Binnenlandsche
Zaken, Talaat bey, dat voornamelijk
liep over de houding van de verschillende
volkeren van het Turksche rijk. Natuurlijk
kwamen hierbij ook de Armeniërs ter
sprake en dit was wel het belangrijkste onderdeel
van het gesprek, want de minister
erkende, dat er "schwere Ausschreitungen"
zooals de correspondent van het Berlijnsche
blad de moorden op de Armeniërs gelieft te
noemen, hebben plaats gehad.
Talaat bey begon natuurlijk met het bekende
argument: De Armeniërs wilden met de
Russen samenspannen, en daarom was hun
verwijdering uit de oostelijke vilajets een militaire
noodzakelijkheid. Bij hun transport
naar Mesopotamië werden de Armeniërs door
"Koerden" overvallen en meerendeels gedood.
"Bij het begin der Dardanellen-gevechten,"
vervolgde de minister, "toen de Turksche regeering
dacht over een verplaatsing van haar
zetel naar Eskisjehir, was het ook noodzakelijk
de Armeniërs uit de streek tusschen
Eskisjehir en Constantinopel weg te voeren,
doch bij de uitvoering dezer maatregelen zijn,
helaas, door de schuld van slechte beambten,
zware excessen voorgekomen." Talaat bey
hield even op, streek met de hand over de
oogen, als wilde hij het slechte visioen verjagen,
vertelt de correspondent en voer dan
voort: "De berichten over de treurige gebeurtenissen
hebben mij menigen nacht niet doen
slapen. De schuldige beambten hebben hun
verdiende straf gekregen (waarin die "straf"
bestond, hebben wij nooit gehoord!) Men
heeft ons verweten, dat wij geen onderscheid
tusschen schuldigen en onschuldigen gemaakt
hebben, maar dat was ook onmogelijk,
want wie morgen schuldig was, kon heden
wellicht nog onschuldig zijn" (!).
Elke commentaar is bij het bovenstaande
overbodig. Talaat bey heeft zelf het "schuldig"
uitgesproken. Is het wonder, dat hij 's nachts niet heeft
kunnen slapen en hem vreeselijken vizioenen kwelden?
Nederlandse pers
• 18 7 8–1893 ›››
• 1894–1898 ›››
• 1899–1904 ›››
• 1 905–1909 ›››
• 1 9 1 0–1 9 1 4 ›››
• 1 9 1 5–1 9 1 8 ›››
• 1 9 1 9–1 9 2 3 ›››
• 1 924–1 940 ›››

