… / Nederland / Nederlandse pers / 1910–1914 / Armenië
Nieuwe Rotterdamsche Courant, 13 mei 1913
Bron: Delpher
Armenië
KONSTANTINOPEL, 12 Mei. (Part.) In de memorie, door de Armeniërs
aan de Turksche regeering overhandigd, (men zie onder de rubriek Buitenland. Red.),
wordt ook nog gezegd, dat de Armeniërs van het Jong-Turksche bewind
verwachten, dat de grond, door de Koerden regelmatig in bezit genomen, aan de
eigenaren zou worden teruggegeven, dat de bandieten zouden worden gestraft
en dat er maatregelen zouden worden genomen om de Armeniërs voor
afpersing te vrijwaren. De memorie brengt in herinnering, dat indertijd
de patriarchale afvaardiging, die den toestand in Armenië aan de
regeering zou uiteen zetten, door den minister van binnenlandsche zaken
niet is ontvangen en hoezeer de gemoederen zijn opgewonden door de
maatregelen tegen de Albaneezen.
De memorie verlangt, dat er strenge instructies worden gezonden aan de
besturen der vilajets, opdat de ambtenaren verantwoordelijk zullen worden
gesteld voor de geweldenarijen en dat de schuldigen zullen worden gestraft.
Naar men in Armenische kringen beweert, heeft de grootvizier gezegd, dat
het niet ontvangen van de patriarchale afvaardiging aan een misverstand
te wijten was.
Nederlandse pers
• 18 7 8–1893 ›››
• 1894–1898 ›››
• 1899–1904 ›››
• 1 905–1909 ›››
• 1 9 1 0–1 9 1 4 ›››
• 1 9 1 5–1 9 1 8 ›››
• 1 9 1 9–1 9 2 3 ›››
• 1 924–1 940 ›››

