… / Nederland / Nederlandse pers / 1899–1904 / Tweede Kamer, zitting van 1 december
Leeuwarder Courant, 4 december 1899
Bron: Digitaal Archief Noord-Nederland
Tweede Kamer, zitting van 1 december
[onderdeel van een langer verslag]
De Minister bespreekt in de eerste plaats de
quaestie van Minas Tcheraz. Aan de Jongelings-Vereeniging
is geen verzoek gedaan door
de politie; zij heeft van de politie raad ontvangen
en daaraan heeft die Vereeniging gehoor
gegeven.
Hij ontkent dat de Regeering zich met deze
zaak heeft ingelaten en wat de heer Kuyper
heeft voorgelezen uit de schriftelijke verklaring
van Minas Tcheraz, is eenvoudig gelogen. Dat
is nu wel jammer voor dr. Kuyper, want ook
de Minister betreurt het, dat een geacht landgenoot
als dr. Kuyper door vreemdelingen er
in loopt. Maar laat dit dan ook een les zijn
voor den afgevaardigden dat men met vreemdelingen
voorzichtig moet zijn, want de Minister
heeft nog meer van Minas Tcheraz gehoord,
wat niet aangenaam is.
Wat nu betreft Achmed-Riza-bey, zegt de
Minister dat er niets gebeurd is in strijd met
de wet; alleen is gehandeld in strijd met het
gebruik. En dit nu achtte de Regeering niet
gewenscht. De Minister licht nader toe de
handelingen van het parket en geeft ten slotte
den heer Kuyper ernstig in overweging niet
in het debat te mengen bladen als door hem
genoemd, want die bladen zij het noemen
niet waard.
Nederlandse pers
• 18 7 8–1893 ›››
• 1894–1898 ›››
• 1899–1904 ›››
• 1 905–1909 ›››
• 1 9 1 0–1 9 1 4 ›››
• 1 9 1 5–1 9 1 8 ›››
• 1 9 1 9–1 9 2 3 ›››
• 1 924–1 940 ›››

