… / Nederland / Nederlandse pers / 1878–1893 / Uit Londen
Algemeen Handelsblad, 28 juni 1893
Bron: Delpher
Uit Londen
Londen, 26 Juni. (Part. corr.)
De Armenische quaestie – Cholera
De Engelschen betoonen steeds, om goede
redenen, bijzonder veel belangstelling in Turksche
zaken. Zoo kan men dan ook bijzonderheden
omtrent de Armenische onlusten het best
in Engelsche berichten vinden en als men het
volgende verhaal mag gelooven dat de Standard
bevat en hetwelk waarlijk denken doet
aan de vervolgingen der eerste martelaars,
dan is de geheele zoogenaamde "Armenische
opstand" niets dan een uiting van geloofshaat.
Te Marsovan dan bestaat een Amerikaansch
Christelijke School, het Anatolie-College genaamd.
De gouverneur der stad, "een voormalige
struikroover" uit Turkije, wist niets
beters te doen om verder promotie te maken,
dan deze school zooveel mogelijk tegen te werken.
Twee van de ijverigste leeraars, de
heeren Kagagan en prof. Thoumaïan (een inlandsch
predikant) werden gevangen genomen,
beschuldigd van het verspreiden van oproerige
geschriften. Deze beschuldiging werd, in verband
met het karakter der beide heeren,
zoo ongerijmd geacht, dat men hun vrijlating
terstond verwachtte. Dit geschiedde echter
niet en brieven van de Amerikaansche zendelingen
aan de regeering te Konstantinopel
gingen onderweg verloren, daar er groote wanorde
heerscht in hot land.
Een der gebouwen van de missie werd in
brand gestoken door Mohammedanen. Toen
bleek dat dit op last van den gouverneur
geschied was, werd deze wel afgezet,
maar tot hoofd der gendarmerie benoemd. De
nieuwe gouverneur ging trouwens op denzelfden
weg voort en wist, door pijniging van
getuigen, vervalsching van documenten enz.,
eene zware beschuldiging tegen de beide leeraren
op te bouwen.
Toen de heer Newberry, secretaris van legatie
bij het Amerikaansche gezantschap te Konstantinopel,
naar Marsovan kwam, werden de
beide heeren met eenige andere christen-gevagenen
overgebracht naar Charum. De sneeuw
lag op de wegen, de gevangenen waren dun
gekleed en in open wagens, zwaar geboeid,
vervoerd. Vóór het vertrek sprak Thoumaïan
op straat een gebed uit en deed dit zoo roerend
dat zelfs Mohammedanen, dit hoorende,
weenden.
Het proces begon en was van het begin af
beslist. Men kent den uitslag: zware straffen
vielen, zelfs werden 17 beschuldigden ter dood
veroordeeld waaronder Thoumaïan en Kagagan.
Deze laatste zegt in een brief dat niemand
onder het talrijke publiek, dat de zittingen
bijwoonde, niet overtuigd was van hun onschuld,
dat een der rechters weigerde het
vonnis te onderteekenen en dat dit uitgesproken
werd met slechts 1 stem meerderheid.
In de Times schrijft de heer A. J. Arnold,
secretaris van de Evangelical Allianee, een
ingezonden stuk, waarin hij verzoekt dat dit
machtige persorgaan zijn stem zal doen hooren
tegen de vervolgingen die tegenwoordig
weer zoo talrijk zijn; – in Perzië, waar een
christen werd doodgeslagen, in Spanje waar de
protestanten vervolgd worden, in Rusland
waar de Stundisten zooveel te lijden hebben
en nu weer in Armenië.
Indien de "Armenische opstand" of laat ons liever
zeggen: de Armenische vervolgingen, in het vorige jaar
had plaats gevonden zou daaraan zeker niet de verdiende
aandacht zijn geschonken zooals nu. Toen was cholera
het alles beheerschende onderwerp. Gelukkig heeft men
zich daarover thans veel minder bezorgd te maken,
hetgeen niet verhindert dat
men hier althans, niet stil zit. Echter had
een plan, dat men meende dat bestond, om
namelijk een hospitaal voor cholera-lijders te
maken in Upper Thames-Street, zeer veel verontrusting
gebracht onder de bewoners van
die buurt.
Nu is wel is waar gebleken dat men niet
voornemens was, daar een cholera-hospitaal
te bouwen maar een barak voor personen die
in besmette plaatsen geweest zijn en dus afgezonderd
moeten worden, maar dit neemt niet
weg dat er heel veel kans is dat onder zulke
personen een menigte choleragevallen zullen
voorkomen en zoodat er eene gelegenheid tot
verpleging bij de hand moet zijn.
Het British Medical Journal heeft niets
tegen een cholera-hospitaal in een bewoonde
buurt, omdat, volgens dit blad, gevaar voor
besmetting niet ontstaat door de nabijheid van
een hospitaal, wanneer dit volgens de eischen
des tijds is ingericht, met goede ventilatie,
verbranding der faeces in een crematorium,
enz. Maar wel acht het blad het zeer gevaarlijk,
zulk eene inrichting vlak bij de rivier
te plaatsen.
Nederlandse pers
• 18 7 8–1893 ›››
• 1894–1898 ›››
• 1899–1904 ›››
• 1 905–1909 ›››
• 1 9 1 0–1 9 1 4 ›››
• 1 9 1 5–1 9 1 8 ›››
• 1 9 1 9–1 9 2 3 ›››
• 1 924–1 940 ›››

