… / Nederland / Nederlandse pers / 1924–1940 / De Morgenlandzending
Algemeen Handelsblad, 16 juni 1933
Bron: Delpher
De Morgenlandzending
Woensdag heeft te Goes onder voorzitterschap
van mej. J. Donner het Zeeuwsch
Comité voor Armenië (Morgenlandzending)
vergaderd met de correspondenten en collectanten
uit de geheele provincie. Mede waren
aanwezig dr. Berron uit Graffenstadten bij
Straatsburg, directeur der Morgenlandzending,
de heer G.L. baron van Boetzelaer uit Bilthoven,
voorzitter, en mej. C. de Witte, secretaresse
van het Ned. Comité der Morgenlandzending.
Uit het verslag van de secretaresse, mej.
M.S. van den Bosch, bleek dat het comité
aan uitbreiding van het werk niet durft
te denken omdat alle krachten moeten
worden ingespannen om het bedrag der contributies
op peil te houden. In totaal zijn er in
Zeeland 61 afdeelingen en 40 scholen, die
medewerken. Voor rekening van Zeeland waren
in het afgeloopen jaar acht pleegkinderen,
verder heeft men in anderen vorm hulp verleend.
Mej. de Witte deelde nog mede, dat zij negen
kisten met kleeren naar Aleppo kon zenden,
waarbij er drie waren van de afd. Goes van
den Chr. Vrouwenbond.
Eenige jeugdige collectantjes boden daarna
aan mej. de Witte namens het Zeeuwsche
comité ƒ 100 aan voor den bouw van een
zendingshuis te Aleppo. Ook ontving zij een
Zeeuwsche pop, die zij ten bate van dezen
bouw zal verloten.
In de middagvergadering sprak de heer dr.
Berron over zijn laatste reis naar Syrië,
waarvan hij eenige weken geleden is teruggekeerd.
De ellende die spr. daar weer gezien heeft
is onbeschrijfelijk, zoowel in lichamelijk als in
maatschappelijk opzicht. Geld is boven alles
noodig voor den medischen arbeid en voor het
geven van maatschappelijken steun, maar ook
kisten kleeren zijn er zeer noodig. Spr. weet uit
eigen aanschouwing dat b.v. een zeer groot
aantal operaties noodig is, dat hulp aan t.b.c.
patiënten moet worden geboden, maar er is
geen geld genoeg voor den medischen arbeid,
zoodat overwogen moet worden om in Juni
eens geen operaties te verrichten, teneinde
eerst de achterstallige schulden te betalen.
Na dit ernstig woord stelde ds. Homburg
voor, een pleegkind erbij te nemen voor rekening
van Goes en omgeving; het comité besloot
er nog drie bij te nemen.
Het slotwoord sprak baron Van Boetzelaer,
die den Zeeuwen hartelijk dankte voor het vele
werk, dat zij voor Armenië doen.
Nederlandse pers
• 18 7 8–1893 ›››
• 1894–1898 ›››
• 1899–1904 ›››
• 1 905–1909 ›››
• 1 9 1 0–1 9 1 4 ›››
• 1 9 1 5–1 9 1 8 ›››
• 1 9 1 9–1 9 2 3 ›››
• 1 924–1 940 ›››

