Wat is genocide?
Door Gregory Stanton

Raphael Lemkin werkt in 1948 aan de definitieve versie het Genocideverdrag De term genocide, samengesteld uit het Griekse woord genos (ras, natie of volk) en het Latijnse caedere (vellen, doden, vermoorden), is gemunt in 1943 en voor het eerst gepubliceerd in 1944. De poging tot uitroeiing van Armeniërs tijdens de Eerste Wereldoorlog had de Pool Raphael Lemkin, zelf van Joodse afkomst, geïnspireerd om deze misdaad tegen onschuldige en weerloze burgers na de oorlog strafbaar en verankerd te krijgen in het internationaal recht. Lemkin, die oorspronkelijk taalwetenschappen studeerde, is hiervoor rechten gaan studeren en heeft in de jaren dertig diverse pogingen gedaan om massamoord – en vernietiging van identiteit – op basis van groepskenmerken in internationale verdragen op te nemen. Pas na de Tweede Wereldoorlog, waarin ook Lemkin's eigen familie door de nazi's was omgebracht, bleek dit politiek haalbaar.

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties heeft in 1946 in een resolutie vastgelegd dat genocide een misdaad is volgens het internationaal recht. Deze resolutie heeft in 1948 geleid tot de totstandkoming van het Verdrag inzake de Voorkoming en de Bestraffing van Genocide, dat in 1951 daadwerkelijk in werking is getreden na ondertekening en ratificatie van de daarvoor benodigde twintig staten.

Het Vrouwenverdrag van de Verenigde Naties, voluit het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie van vrouwen, werd in 1979 aangenomen en trad in 1981 in werking. In 2012 hadden 189 landen het verdrag geratificeerd

Artikel 2 van het Genocideverdrag, waarin bepaald wordt wat internationaalrechtelijk onder genocide wordt verstaan, en artikel 3, waarin bepaald wordt wat strafbaar is, luiden als volgt:

Artikel 2
In dit Verdrag wordt onder genocide verstaan één van de volgende handelingen, gepleegd met de intentie om een nationale, ethnische, godsdienstige groep, dan wel een groep, behorende tot een bepaald ras, geheel of gedeeltelijk als zodanig te vernietigen:

  1. het doden van leden van de groep;
  2. het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep;
  3. het opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden die gericht zijn op haar gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging;
  4. het nemen van maatregelen, bedoeld om geboorten binnen de groep te voorkomen;
  5. het gedwongen overbrengen van kinderen van de groep naar een andere groep.

Artikel 3
Strafbaar zijn de volgende handelingen:

  1. genocide;
  2. samenspanning om genocide te plegen;
  3. rechtstreeks en openbaar aanzetten tot genocide;
  4. poging tot genocide;
  5. medeplichtigheid aan genocide.

Het Genocideverdrag werd aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 9 december 1948. Het verdrag trad in werking op 12 januari 1951. Meer dan 140 landen hebben het Genocideverdrag geratificeerd en daarnaast hebben ruim 70 landen genocide strafbaar gesteld binnen hun eigen nationale strafrecht. De inhoud van artikel 2 van het Genocideverdrag werd letterlijk overgenomen als artikel 6 in het Statuut van Rome (1998) van het Internationaal Strafhof.

Definities
Genocide als misdaad bestaat uit twee aspecten: intentie en handeling. “Intentie” betekent doelgericht. Intentie kan bewezen worden aan de hand van verklaringen of orders. Omdat de intentie meestal niet is vastgelegd moet de intentie afgeleid worden uit een systematisch patroon van gecoördineerde handelingen.

Intentie is iets anders dan motief. Wat ook het motief voor de misdaad is (landonteigening, nationale veiligheid, territoriale integriteit, etc.), zodra de dader een handeling pleegt met de intentie een groep, geheel of gedeeltelijk, te vernietigen, is het genocide.

De formulering “geheel of gedeeltelijk” (artikel 2) is belangrijk. Daders hoeven niet de intentie te hebben om de hele groep te vernietigen. Vernietiging van een deel van de groep (zoals intellectuelen, of groepsleden binnen een bepaalde regio) is ook genocide. Meestal wordt ervan uit gegaan dat er van genocide sprake is als er de intentie is een substantieel deel van de groep te vernietigen. Echter een individuele misdadiger kan ook schuldig zijn aan genocide, zelfs als hij maar één persoon doodt, als vaststaat dat hij kennis had van de grotere opzet tot vernieting van een groep.

Het verdrag onderscheidt vier groepen; nationaal, ethnisch, raciaal of religieus:

  1. Een nationale groep is een groep wiens indentiteit wordt gedefinieerd door gemeenschappelijke nationaliteit of nationale oorsprong.
  2. Een etnische groep is een groep wiens indentiteit wordt gedefinieerd door gemeenschappelijke culturele tradities, taal of erfgoed.
  3. Een raciale groep is een groep wiens indentiteit wordt gedefinieerd door fysieke kenmerken.
  4. Een religieuze groep is een groep wiens indentiteit wordt gedefinieerd door gemeenschappelijke geloofsbelijdenis, leerstellingen, handelingen of rituelen.

Strafbare feiten
De volgende handelingen zijn genocidaal als ze zijn uitgevoerd als onderdeel van een strategie om een groep te vernietigen:

  1. Het doden van leden van de groep omvat het direct doden en/of handelingen die de dood tot gevolg hebben.
  2. Het toebrengen van ernstig lichamelijk of geestelijk letsel aan leden van de groep omvat het veroorzaken van trauma's door grootschalige marteling, verkrachting, sexueel geweld, gedwongen of opgelegd toedienen van drugs en/of medicijnen en verminking.
  3. Het opzettelijk aan de groep opleggen van levensvoorwaarden die gericht zijn op haar gehele of gedeeltelijke lichamelijke vernietiging omvat het opzettelijk onthouden van eerste levensbehoeften zoals schoon water, voedsel, onderdak en medische verzorging. Inperking van levensomstandigheden wordt onder andere bewerkstelligd door inbeslagname van oogsten, uitsluiting van levensmiddelen, opsluiting in kampen, gedwongen relocatie of verdrijving naar woestijnen.
  4. Het nemen van maatregelen, bedoeld om geboorten binnen de groep te voorkomen omvat gedwongen sterilisatie, gedwongen abortus, huwelijksverboden en langdurige scheiding van mannen en vrouwen teneinde voortplanting te voorkomen.
  5. Het gedwongen overbrengen van kinderen van de groep naar een andere groep kan bereikt worden door dwang, angst voor geweld, vrijheidsberoving, opsluiting, psychologische druk en andere dwangmaatregelen.

Genocide beperkt zich niet tot handelingen die de dood tot gevolg hebben. Het veroorzaken van zwaar lichamelijk of geestelijk letsel, preventie van geboorten en de herplaatsing van kinderen in een andere groep zijn genocidale handelingen als ze zijn uitgevoerd als strategie om een groep te vernietigen.

Het is een misdaad om genocide te beramen, daartoe aan te zetten, daartoe op te hitsen en/of het te ondersteunen. Strafbare feiten zijn onder andere samenzwering, rechtstreekse en openbare opruiing, poging tot het plegen van genocide en medeplichtigheid aan genocide.

Gregory H. Stanton is oprichter en bestuurder van onder andere Genocide Watch, International Campaign End Genocide en het Cambodian Genocide Project. Bron artikel: www.genocidewatch.net

Colofon