Inleiding

Overblijfselen van Armeniërs in de Syrische woestijn bij Deir ez-Zor Tijdens en vlak na de Eerste Wereldoorlog zijn christelijke minderheden zoals Armeniërs, Grieken en Assyriërs vrijwel geheel weggevaagd uit het Ottomaanse deel van hun oorspronkelijke woongebied. Het toenmalige dictatoriale Jong-Turkse regime van het Ottomaans-Turkse Rijk heeft een vooraf beraamde poging ondernomen om door middel van een systematische campagne duizenden jaren oude culturen uit Anatolië te verdrijven en vernietigen. Doel was het omvormen van de restanten van het multi-religieuze Ottomaanse Rijk naar een nieuwe moderne natiestaat met een gemeenschappelijke Turkse identiteit.

Net als de genocide op het Joodse volk in de Tweede Wereldoorlog betreft het één van de grote menselijke tragedies van de twintigste eeuw. Zoals de Holocaust onlosmakelijk verbonden is met de Tweede Wereldoorlog, is de Jong-Turkse genocide op Ottomaanse christenen onlosmakelijk verbonden met de Eerste Wereldoorlog en de totstandkoming van de republiek Turkije in 1923.

Waar de Holocaust op de Joden een centrale plek heeft verworven in de geschiedenis, wachten de Armeniërs en andere christelijke minderheden uit het Ottomaanse Rijk nog steeds op volmondige erkenning van de tegen hun gerichte massaslachtingen en dodenmarsen naar de woestijn in Syrië. Het onverwerkte collectieve trauma werkt tot op de dag van vandaag door.

De “vergeten” genocide 
De Armeense genocide is de eerste grote genocide van de 20e eeuw. Een overzichtelijke historische inleiding van genocidedeskundige Ton Zwaan:

“Hoewel het woord “genocide” destijds nog niet bestond, kan zonder meer gesteld worden dat de centraal georganiseerde vervolging en vernietiging van de Armeniërs de eerste grote genocide van de 20e eeuw is geweest. Overigens had de Armeense minderheid in het Ottomaanse Rijk ook al voor die jaren te kampen gehad met grootschalig moorddadig geweld.” Lees verder 

Wat is genocide? 
Binnen het internationaal recht geldt genocide als één van de zwaarste misdrijven. Een uitleg van de juridische definitie van genocide door genocidedeskundige en jurist Gregory Stanton:

“Meestal gaan de autoriteiten ervan uit dat er van genocide sprake is als er de intentie is een substantieel deel van de groep te vernietigen. Echter een individuele misdadiger kan ook schuldig zijn aan genocide, zelfs als hij maar één persoon doodt, als vaststaat dat hij kennis had van de grotere opzet tot vernieting van een groep.” Lees verder 

Genocidaal geweld als culturele uiting 
Een identiteitscrisis van de dominante groepering in een samenleving kan leiden tot de ontkenning van identiteit en wil tot vernietiging van andere groeperingen. De visie van cultureel antropoloog Anthonie Holslag:

“De identiteitscrisis van de daders wordt in het geweld uitgebeeld. Met iedere stap neemt de escalatie toe, wordt er een laag identiteit van de slachtoffergroep afgenomen en wordt tegelijkertijd, in dezelfde binaire tegenstelling, de identiteit van de dader bevestigd. Op het moment dat in het genocidale proces massamoord als handeling tot uiting komt, zijn de Armeniërs in de denkwereld van de daders allang geen mensen meer en kunnen ze ook als onmensen worden afgeslacht.” Lees verder 

Colofon