Erkenning

Terug naar erkenning

Historische erkenning

Tijdens en vlak na de Eerste Wereldoorlog was er wel degelijk erkenning voor wat toendertijd de vernietiging of verdelging van het Armeense volk heette. Al op 24 mei 1915 waarschuwden de bondgenoten Engeland, Frank-
rijk en Rusland de Ottomaanse regering dat zij verantwoordelijk zou worden gehouden voor de massaslachtingen en deportaties. In 1919 is onder druk van dezelfde geallieerden in het door hun verslagen Ottomaanse Rijk een militair tribunaal ingesteld dat de schuldigen, die inmiddels gevlucht waren, bij verstek tot de doodstraf veroordeeld heeft. De overwinning op het Ottomaanse Rijk heeft in 1920 ook geleid tot het Verdrag van SŤvres, waarin de ArmeniŽrs een internationaal tribunaal en een eigen staat beloofd werd. Dit verdrag is echter nooit geratificeerd en uitgevoerd. De algehele economische malaise na de oorlog in combinatie met politieke onwil en de militaire weerstand in Turkije onder leiding van Kemal Pasha, later bekend als AtatŁrk, heeft in 1923 geleid tot het Verdrag van Lausanne, waar de ArmeniŽrs helemaal niet meer in voorkwamen. Feitelijk hebben de Europese staten de ArmeniŽrs met dit verdrag in de steek gelaten, alle beloftes van vele jaren ten spijt.

Verklaringen en resoluties
Gezamenlijke verklaring van Engeland, Frankrijk en Rusland – 24 mei 1915 (en)
Verenigde Staten, resolutie van de Senaat – 9 februari 1916 (en)
Verenigde Staten, resolutie van de Senaat – 11 mei 1920 (en)
Verklaring van president Wilson van de Verenigde Staten – 24 mei 1920 (en)
Aanbeveling van de Verenigde Staten aan het Internationaal Gerechtshof – 28 mei 1951 (en)

OfficiŽle documenten
Aanklacht van het Turks militair tribunaal (relevante passages) – 1919 (en)
Oordeel van het Turks militair tribunaal – 5 juli 1919 (en)
Verdrag van SŤvres (relevante artikelen) – 10 augustus 1920 (en)
Rapport van de Commissie Oorlogsmisdaden van de Verenigde Naties – 28 mei 1948 (en)

Terug naar erkenning
Naar boven