Terug naar de vorige pagina 

België, resolutie van het Vlaams Parlement

22 april 2015

Tekst aangenomen door de plenaire vergadering

van het voorstel van resolutie van Karim Van Overmeire, Ward Kennes, Jean-Jacques De Gucht, Marc Hendrickx, Bart Somers en Karl Vanlouwe

betreffende de herdenking van de honderdste verjaardag van de Armeense genocide

Het Vlaams Parlement,

– gelet op het Verdrag van de Verenigde Naties uit 1948 inzake de voorkoming en de bestraffing van genocide;

– gelet op de resolutie van het Europees Parlement over een politieke oplossing voor de Armeense kwestie van 18 juni 1987 en de resolutie van het Europees Parlement van 12 maart 2015 over het jaarverslag over mensenrechten en democratie in de wereld in 2013 en het beleid van de EU ter zake;

– gelet op het protocol over de instelling van diplomatieke betrekkingen tussen de Republiek Turkije en de Republiek Armenië, en het protocol over de ontwikkeling van de betrekkingen tussen de Republiek Turkije en de Republiek Armenië, die op 10 oktober 2009 in Zürich werden ondertekend;

– gelet op de resolutie van de Senaat van 26 maart 1998 betreffende de genocide van 1915 van de in Turkije levende Armeniërs;

– gelet op de resolutie van het Europees Parlement van 15 april 2015 over de honderdjarige herdenking van de Armeense genocide;

– overwegende dat:

1º het in 2015 honderd jaar geleden is dat in het Ottomaanse Rijk de Armeense genocide plaatsvond;

2º steeds meer EU-lidstaten, nationale parlementen en deelstaatparlementen de Armeense genocide in het Ottomaanse Rijk als een historisch feit erkennen;

3º de wens om verdere oorlogen en misdaden tegen de mensheid te voorkomen een van de belangrijkste drijfveren is geweest voor het in gang zetten van het proces van Europese eenwording;

4º Turkije en Armenië een proces van diplomatieke normalisering hebben aangevat en in 2009 in Zürich protocollen hebben ondertekend over het aangaan en ontwikkelen van betrekkingen;

5º het van cruciaal belang is om de herinnering aan het verleden levend te houden, aangezien er geen verzoening kan zijn zonder waarheid en herdenking;

6º Vlaanderen streeft naar vriendschapsbanden en actieve samenwerking met zowel Turkije als Armenië;

– veroordeelt alle gevallen van misdaden tegen de mensheid en genocide, keurt alle pogingen om deze te ontkennen ten stelligste af en sluit zich aan bij de herdenking van het feit dat de Armeense genocide honderd jaar geleden heeft plaatsgevonden en doet dat in een geest van solidariteit en rechtvaardigheid;

– herdenkt de onschuldige slachtoffers van alle genocides en misdaden tegen de mensheid;

– beschouwt de verklaringen van de president van de Republiek Turkije, Recep Tayyip Erdoğan, en de premier van de Republiek Turkije, Ahmet Davutoğlu, waarin zij hun medeleven betuigen en erkennen dat er wreedheden tegen de Ottomaanse Armeniërs zijn begaan, als een stap in de goede richting;

– moedigt Turkije ertoe aan de honderdjarige herdenking van de Armeense genocide aan te grijpen als een belangrijke gelegenheid om verdere inspanningen te leveren om zijn verleden onder ogen te zien, onder meer door de openstelling van zijn archieven, de Armeense genocide te erkennen en zo de weg te effenen voor een echte verzoening tussen het Turkse en het Armeense volk;

erkent de Armeense genocide van 1915;

– vraagt de Vlaamse Regering:

1º Armenië en Turkije te verzoeken, naar analogie van de succesvolle verzoeningen tussen Europese naties, zich te richten op een plan voor de toekomst met als eerste prioriteit de samenwerking tussen hun volkeren; vertrouwt erop dat dit zal bijdragen aan de historische verzoening van Armeniërs en Turken, in een sfeer van oprechtheid en respect;

2º de initiatieven van maatschappelijke organisaties in Turkije en Armenië te steunen die werken aan een normalisering van de betrekkingen tussen beide landen;

3º er bij Turkije en Armenië op aan te dringen hun betrekkingen te normaliseren door de protocollen over de instelling van diplomatieke betrekkingen zonder voorbehoud te ratificeren en uit te voeren, hun grenzen voor elkaar open te stellen en actief te werken aan de verbetering van hun relatie, in het bijzonder op het vlak van grensoverschrijdende samenwerking en economische integratie;

– besluit deze resolutie te doen toekomen bij de Raad, de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Europese Unie voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de regering en het parlement van de Republiek Armenië en de regering en het parlement van de Republiek Turkije.

Colofon