Erkenning

Hoewel er de laatste jaren wereldwijd een steeds grotere belangstelling voor de Armeense genocide ontstaat, wordt deze nog slechts mondjesmaat erkend. Steeds
als een nationale of internationale overheid een stap in de richting van erkenning wil zetten, dreigt de Turkse regering met forse diplomatieke en economische maatregelen. Bijna 100 jaar na dato zorgt deze kwestie nog steeds voor veel onrust tussen de Ar-
meense en Turkse gemeenschap. Beide volkeren zijn beter af bij definitieve erkenning van de plaatsgevonden gebeurtenissen. De Armeense gemeenschap omdat door er-
kenning van deze genocide dit collectieve trauma definitief een plek in de geschiedenis kan krijgen. De Turkse gemeenschap verdient bevrijding van één van hun grootste taboe's: de ineen-
storting van het Ottomaanse Rijk en de rol die het Comité voor Eenheid en Vooruitgang (met name Talaat Pasha en Enver Pasha) daarin heeft gespeeld.

Historische erkenning – Tijdens en vlak na de Eerste Wereldoorlog was er wel degelijk erkenning voor wat toendertijd de vernietiging of verdelging van het Armeense volk heette. Het verdrag van Sèvres (1920) bijvoorbeeld beloofde een tribunaal voor de berechting van de verantwoordelijken.

Formele erkenning – Alle genocidedeskundigen buiten Turkije zijn het er over eens: in de periode van 1915 tot 1923 is er genocide gepleegd op het Armeense volk. Een aantal wetten, resoluties en verklaringen van nationale overheden, internationale instellingen, staatshoofden en wetenschappers.

Juridische erkenning – Tot een internationaal erkende gerechtelijke uitspraak is het tot nu toe niet gekomen. Mogelijkheden zijn er echter wel volgens Alfred de Zayas, historicus en expert in het internationaal recht en in die hoedanigheid 22 jaar verbonden geweest aan de Verenigde Naties.

Naar boven